Van Gogh Spreekt

Job description: Marketing and Communications

Tien jaar na zijn tumultueuze verscheiden keert Theo van Gogh terug als personage in zijn eigen theatershow. Theo gaat loos in een verwoestende onemanshow met de bescheiden titel Van Gogh Spreekt. De zelfgenoegzame elite; het opportunisme van de eenvoudige medeburger; het kronkelend fenomeen der klaarkomst dat alleen de vrouw gegeven is en de achterlijke islam: het komt allemaal voorbij. Niemand wordt gespaard in een nietsontziende monoloog, waarin Theo’s nihilistische ironie in een tomeloze woordenstroom op het publiek afrolt.

Ook Theo zelf komt er niet zonder kleerscheuren vanaf in scènes waarin hij wordt geconfronteerd met fantoombeelden van zichzelf en de demonen die in hem spookten in videobeelden tot leven komen. Daarnaast kweelt hij er lustig op los in verbijsterende ‘Liederlijke Liederen’ uit de begindagen van zijn carrière die een bijzonder inkijkje in zijn zielenroerselen geven. En natuurlijk zijn er fragmenten te zien uit zijn films en televisieshows.

Omdat in Theo zo veel conflict en emotie gistte, kan hij in een personage transformeren dat iets algemeens formuleert aangaande de menselijke staat. Daardoor kan het stuk ontsnappen aan de beperkingen van het biografische theater. De subtekst reikt verder dan de biografie van Theo en stelt confronterende vragen inzake de vrije meningsuiting, de democratie, religie en het door de populaire cultuur gekleurde maatschappelijke debat.

In lijn met Theo’s gedachtegoed is het menselijk streven aanleiding tot anarchistisch/komische beschouwingen met een ironische, soms pijnlijke, toonzetting. Die ironie spreekt ook uit het hoogst dramatische gegeven dat Theo zelf met dodelijk gevolg ten prooi viel aan de ijdele hoogmoed die hij zo fel bestreed.

Van Gogh Spreekt volgt Theo’s Werdegang van kunstenaar tot BN-er en dat plaatst het fenomeen waarin hij bij zijn dood was getransformeerd in een verhelderend licht. Theo stierf als Martelaar van het Vrije Woord, maar het is de vraag of hij uitsluitend het slachtoffer werd van zijn kanttekeningen bij de islam en de dadendrang van de godsdienstwaanzinnige moslim die hem afslachtte. Werd Theo niet ook geveld door de hype die hij zelf mede creëerde? Is hij niet evenzeer slachtoffer van zijn onstuitbare hang naar aandacht en van al diegenen die hem entameerden?

Theo werd geboren in een welgestelde familie in Wassenaar – zijn opa was de neef van de schilder Vincent van Gogh en diens enige erfgenaam – maar hij zette zich zijn leven lang af tegen de elite waartoe hij eigenlijk altijd behoorde. Toen de richtinggevende happy few dank zij het interviewprogramma Een Prettig Gesprek na jaren van heftig dégout, ineens wat in hem ging zien, kwam hij alsnog terecht op de aftiteling van beschaafd Nederland. Theo vond het prachtig. Zó kon hij zijn gedroomde rol van hofnar spelen.

Van Gogh Spreekt heeft een stevige lading – Theo was niet altijd even fijngevoelig – maar het is ook een met compassie geschilderd portret van een op drift geraakt enfant terrible: onuitstaanbaar, hilarisch, en genadeloos, maar ook aandoenlijk, eenzaam, aardig en vol relativerende zelfspot.

In de laatste scène komt Theo in ontnuchterende zelfreflectie tot nieuwe inzichten en trekt hij pijnlijke conclusies over zichzelf en de werkelijkheid die hem omringde: zijn pleidooi voor het vrije woord gaat niet samen met zijn weinig vrolijke inschatting van de ‘gemiddelde medemens’. Het vrije woord en het functioneren van een democratie veronderstellen compassie, empathie en intelligentie in plaats van het oneigenlijke opportunisme en de domheid die hij ontwaart. Religie en democratie staan minstens op gespannen voet met elkaar, zo mocht Theo zelf ondervinden.

Er valt een hoop te lachen in deze anarchistische monoloog, maar er worden ook harde noten gekraakt die weinig vrolijk stemmen aangaande de stand der dingen.

www.van-gogh-spreekt.nl